Page 6 - 1401032ISSUE32.pdf
P. 6

Frans-Nederlandse samenwerking
           Ook Nederland werkt samen met Frankrijk. In het kader van deze samenwer­
           king is er een strategische intentie om dingen samen te doen. Maar allereerst
           is sprake van zaken op politiek niveau. Het samenwerken gaat met hele
           kleine stapjes. In de nabije toekomst worden zaken wellicht beter met elkaar
           afgestemd. De Frans-Nederlandse defensiesamenwerking omvat meerdere
           aspecten. Dat zijn een strategische dialoog, militaire samenwerking en het
           memoreren van de gemeenschappelijke geschiedenis.

           De strategische dialoog beoogt het bevorderen van de overeenstemming van
           de Franse en Nederlandse posities binnen de internationale instanties: VN,
           EU, NAVO en andere.
           De militaire samenwerking is vooral gericht op operaties. Zo nam Nederland
           in 2020 met het fregat Zr Ms De Ruyter vanaf januari vijf maanden militair
           deel  aan  de  Frans  geleide  Europese  missie  EMASoH  rond  de  Straat  van
           Hormuz. In september en oktober van dat jaar vond de NAVO NRF-certifice­
           ringsoefening Dynamic Mariner 20 plaats voor de zuidkust van Frankrijk.  Nederlandse mariniers namen deel aan de oefening Dynamic Mariner 20.
           Nederland nam deel aan deze oefening met een amphibious task group   Foto: MinDef
           (ATG) en een schip van de mijnendienst in het kader van de samenwerking
           tussen de Franse marine en de Admiraliteit Benelux. Deze richt zich op ge­
           meenschappelijke trainingsactiviteiten op alle gebieden (joint, land, lucht en  Het samenwerken tussen Nederland en
           zee).
           Ook op het gebied van opleidingen is er samenwerking, met name voor  Frankrijk gaat met hele kleine stapjes
           officieren (studie aan de École de Guerre in Parijs of aan de École d’État-
           major in Saumur) of voor specialisten in bijzonder terrein (commando, jungle,
           bergen) en tal van ervaringsuitwisselingen. Zij komt ook tot uiting in mate­
           rieelprojecten zoals de mijnenjagers (in samenwerking met België) en de
           NH-90 helikopters.

           Brief
           Veel opzien baarde dit jaar een open brief van Franse, merendeels gepensi­
           oneerde militairen. Zij spoorden de leider(s) van de Republiek aan tot ‘patri­
           ottistische waakzaamheid en moed’. De brief werd samengevat met volgen­
           de stelling: “Frankrijk is in gevaar, de natie kent verscheidene dodelijke be­
           dreigingen.” De auteurs verwezen onder meer naar de onthoofding van
           geschiedenisleraar  Samuel  Paty.  Zij  noemden  ook  drie  maatschappelijke
           onderwerpen, die ze als bedreiging aanmerkten: namelijk ‘de ideologie van
           het antiracisme’, het ‘islamisme dat woekert in de banlieues’, en ‘het gebrek
           aan broederschap’.

           Jean Castex, premier van Frankrijk en lid van Macrons partij, veroordeelde
           de brief. Hij noemde het “een initiatief dat indruist tegen al onze republi­  Bloemen ter nagedachtenis aan Samuel Paty. De auteurs van de open brief
           keinse beginselen, tegen de eer en de plicht van het leger.” Minister van  verwezen expliciet naar zijn onthoofding als bedreiging van de Franse
           Defensie Florence Parly reageerde verontwaardigd en zei dat “het leger niet  samenleving. Foto: Wikimedia Commons, Silanoc
           dient om campagne te voeren, maar om Frankrijk te verdedigen.”

           Modernisering
           Een belangrijk deel van het defensiebudget wordt nu besteed aan investe­
           ringen voor de modernisering van de defensieorganisatie, namelijk € 6,8
           miljard. Deze investeringen zijn vooral gericht op materieel, namelijk in de
           vervanging van onderzeeboten en de aanschaf van nieuwe legervoertuigen
           en transportvoertuigen. Daarnaast investeert Frankrijk veel in innovatie (€ 5,5
           miljard) en het ruimtedomein (€ 448 miljoen). Dit om de satellietcapaciteit
           te vernieuwen. De Franse krijgsmacht bereidt zich, na een decennium dat
           vooral gericht was op counterinsurgency, nu in het bijzonder voor op een
           conflict  ‘hoog  in  het  geweldsspectrum’.  De  afgelopen  tien  jaar  legden
           Franse troepen zich immers vooral toe op de counterinsurgency campagnes
           en de strijd tegen het terrorisme. Dit zowel in Frankrijk zelf (Operatie Senti­
           nelle) als in de Sahel (Operatie Barkhane). Dit laatste in ruig terrein met risi­
           covolle gevechtsoperaties. Deze operaties vormen zowel technisch als tac­
           tisch een uitdaging. Er vielen sinds 2013 tegen de zestig dodelijke slachtoffers.
           Barkhane is een asymmetrisch conflict, waarin de Fransen luchtoverwicht
           hebben. Dit zonder communicatie-interferentie of dreiging van drones, ra­
           ketten of cyberaanvallen. Momenteel heeft Frankrijk 5.100 militairen in de
           Sahel. Toekomstige operaties “zouden brigades kunnen omvatten, of een
           divisie”, wat neerkomt op zo’n 8.000 tot 25.000 soldaten. Door de Sahel
           heeft de Franse krijgsmacht meer vaardigheden verkregen. Maar in zijn vorig
           jaar gepubliceerde strategische visie voor 2030 schetste, generaal Thierry
           Burkhard, het toenmalig hoofd van de Franse landmacht, de noodzaak om  Het ruige terrein van de Sahel vormt in vele opzichten een uitdaging.
           zich voor te bereiden op ‘conflicten met een hoge intensiteit’. Met andere  Foto: Wikimedia Commons, CHECHE25RGA
           woorden,  conflicten  van  staat  versus  staat.  “We  moeten  ons  absoluut
           voorbereiden op een gevaarlijkere wereld”, zei Burkhard. Dit vereist wat hij
           noemt een “verharding” van de landstrijdkrachten.
                                                               6

                                                         Armex | december 2021
   1   2   3   4   5   6   7   8   9   10   11